La Grande Bellezza

Beoordeling:

Geplaatst: door Elise van Dam

Als film een vorm van reizen is, is La Grande Bellezza de ultieme stedentrip. Regisseur Paolo Sorrentino (Il Divo, This Must Be The Place) neemt ons mee naar een Rome waar rijk zijn als baan telt en zelfs een uitvaart een toneelopvoering is, waar iedereen Proust leest, maar net zo graag de handen van een heilige kust en waar overdaad de leegte maskeert. Het wervelende, prachtig gefilmde La Grande Bellezza is cinema met een grote C.

Hoofdpersoon is Jep Gambardella (Toni Servillo), een schrijver en journalist die wanneer de film aanvangt zijn 65e verjaardag viert. Hij schreef een meesterwerk toen hij nog amper droog achter de oren was en weet zich sindsdien gevestigd in wat hij ‘de maalstroom van het mondaine leven’ noemt. Bij zijn appartement houdt hij luidruchtige feesten vol drank, hippe muziek en zuchtende vrouwen en met zijn vrienden voert hij tot in de kleine uurtjes gesprekken over literatuur op zijn terras met uitzicht op het Colosseum. 

Toni Servillo, die in Il Divo onvergetelijk – en met gezichtsprotheses – gestalte gaf aan de eerder dit jaar overleden oud-premier Guilio Andreotti, is op zichzelf al een feest om naar te kijken. Hij zet Jep neer als een charmante en beetje ongrijpbaar man, humorvol en soms onuitstaanbaar. Zijn postuur en gestiek zijn die van een man die overloopt van charisma en zelfzekerheid, maar op onverhoopte momenten overvalt een vermoeidheid zijn gelaat. Als een schaduw van de herinnering aan wat hij heeft nagelaten. 

La Grande Bellezza toont hoe we onze eigen werkelijkheden creëren en hoe klein die vaak zijn. Ook hen die prat gaan op eloquentie en eruditie, bouwen in feite voor zichzelf een veilig fort van gelijkgestemden. En in die kleine wereld wil je koning zijn. Een rol die Jep met verve speelt. In perfect op maat gesneden pakken schrijdt hij door Rome en haakt de mooie vrouwen moeiteloos aan zijn arm. Maar wanneer we hem aan het begin van de film als verzuild tussen het feestgedruis zien staan, weten we dat het koningschap niet langer voldoet.

Hij begint aan zijn troon te zagen; wijst zijn vrienden fijntjes op hun huichelachtigheid, laat een trofeevrouw alleen achter in bed en zoekt in plaats daarvan een oude vriend op die zijn eigen dochter met tegenzin laat strippen in zijn nachtclub. Met tegenzin niet omdat het zijn dochter is, maar omdat ze de veertig is gepasseerd. Jep neemt deze Ramona, mooi kwetsbaar gespeeld door Sabrina Ferilli, mee in zijn wereld van exorbitante feesten en nachtelijke paleisvisites. 

Wie over La Grande Bellezza spreekt, kan niet om Federico Fellini heen, wiens geest onvermijdelijk in de film rondwaart, omdat de thema’s uit diens werk nu eenmaal de pilaren zijn waar Rome op rust: vrouwen, katholicisme en eten. Maar ook de losse structuur en de observerende hoofdpersoon in artistieke crisis echoën Fellini’s werk. Dat neemt niet weg dat dit Sorrentino’s film is en dat het zijn talent is dat het nagenoeg perfecte tempo van de film dirigeert, de camera doet zweven en de kijker vervult van melancholie.

La Grande Bellezza is een film over decadentie en verval en geen plek representeert die medaille beter dan het Rome van Jep: een stad van wereldformaat die een groot deel van de tijd naar zijn eigen navel staart. ‘De polonaises op onze feesten zijn de beste in heel Rome’, stelt Jep. ‘Ze gaan nergens heen.’ Slechts één iemand in de film heeft het lef wel te vertrekken. De rest blijft, terwijl de ouderdom dichterbij kruipt en bij Jep het besef groeit dat de grote schoonheid de meeste van ons slechts versplinterd bereikt. Iets wat, getuige de Japanse toerist uit de openingsscène, misschien ook maar beter is. 

Trailer