FilmpjeKijken Fijne Filmklassieker: Jurassic Park

Beoordeling:

Geplaatst: door Roy van der Lee

Als er één film is die het sociale leven van jongentjes aan het begin van de jaren '90 beheerste, dan is het wel Jurassic Park. Meer nog dan een ijzersterke avonturenfilm, is Jurassic Park een merk. Het beroemde logo met het dino-skelet hoeft maar in beeld te verschijnen en iedereen weet waar het over gaat. Met spinoff Jurassic World in de zalen, blikken we nog eens terug.

Je zou kunnen stellen dat er twee mannen zijn die de blockbuster hebben uitgevonden zoals we die nu nog steeds kennen: Steven Spielberg en George Lucas. Tussen de doorbraak van eerstgenoemde (Jaws) en Jurassic Park in 1993 waren de twee verantwoordelijk voor zo’n beetje elk groot kassucces. Meer dan wie ook hadden zij door hoe je een sterke avonturenfilm maakt en hoe daar flink geld mee te verdienen. En dat is zeker niet alleen met bioscoopkaartjes. Speelgoedfiguren en t-shirts zijn zeker zo belangrijk.

Jurassic Park werd in 1993 dan ook de meest lucratieve film aller tijden. Een eretitel die werd overgenomen van E.T., eveneens van Spielberg. Maar 1993 was om nog een andere reden een goed jaar voor de regisseur. Zijn Holocaust-drama Schindler’s List, dat hij vrijwel gelijktijdig met Jurassic Park draaide, won een heel resem Oscars. Het was bovendien zijn definitieve afrekening met critici die vonden dat hij enkel eenvoudige actiefilms kon maken.

Daarnaast is het ook bijzonder knap om tegelijkertijd bezig te zijn met twee films die zó verschillen en elk op hun eigen manier toch zó goed zijn. Waarschijnlijk is er geen andere regisseur ter wereld die dat kunstje zou kunnen nadoen. Dat Spielberg weigerde salaris te ontvangen voor zijn werk aan Schindler’s List, zal dan ook niet alleen vanuit ideologisch oogpunt zijn geweest. Daar zal de wetenschap dat hij tientallen miljoenen over zou houden aan Jurrasic Park ook vast een rol in hebben gespeeld.

De plot van de film is eerst en vooral een mechanisme om de acitescènes op gang te brengen. De excentrieke miljardair John Hammond (Richard Attenborough) is er in geslaagd om dinosaurussen te klonen. Op een eiland voor de kust van Costa Rica heeft hij een gigantisch themapark laten bouwen waar de dieren te zien zijn: Jurrasic Park. Maar voor de opening van zijn droompark, wil hij eerst testen of alles wel veilig is. Daarvoor worden onder meer paleontoloog Alan Grant (Sam Neill), paleobotanicus Ellie Sattler (Laura Dern) en chaostheorie-deskundige Ian Malcolm (Jeff Goldblum) ingevlogen.

De wetenschappers staan versteld van het werk dat Hammond heeft verricht, maar zetten ook hun vraagtekens bij de ethiek. De dino's zijn immers niet voor niets uitgestorven. De op het eiland werkzame computertechnicus Dennis Nedry (Wayne Knight) is ondertussen van plan een aantal dino-embryo's te stelen. Om ongezien van het eiland af te komen, schakelt hij de elctriciteit uit. Er is daardoor niets meer dat de monsters scheidt van de wetenschappers. Zij zullen daarom alles uit de kast moeten halen om het eiland levend te verlaten. 

Spielberg weet als geen ander hoe je een spannende scène opbouwt en laat dat in Jurassic Park aan de lopende band zien. Het beroemdste voorbeeld is waarschijnlijk de eerste grote aanval van de t-rex in het park. Een scène die heel subtiel begint met de trillingen van de grond, zichtbaar in een bekertje water. We krijgen steeds meer van het monster te zien totdat hij vol de aanval inzet. Ook een scène waarbij twee kleinere dino’s twee kinderen achtervolgen in het laboratorium op het eiland is bloedstollend spannend.

Want uiteindelijk is Jurassic Park het sterkst op de momenten waarop het de ethische vraagstukken over klonen even vergeet en gewoon een onvervalste actiefilm is. En dat weet Spielberg zelf ook. Kijk maar eens goed naar de scène tegen het einde waarin Attenborough zit te spelen met twee kleine speelgoeddino’s. Die kan bijna niet anders uitgelegd worden dan als knipoog van de regisseur waarmee hij wil zeggen zelf ook wel door te hebben dat hij hier toch vooral entertainment voor jongetjes aan het maken is.

Wie daar als kritiek tegenin brengt dat het de plot aan elke vorm van logica ontbreekt of dat de personages de diepgang hebben van bordkarton, heeft ergens gelijk. Maar de film zit zo goed in elkaar, dat hij daarmee wegkomt. De acties zijn steeds logisch en realistisch genoeg om geloofwaardig te blijven. En wat maakt karakterontwikkeling nou helemaal uit als je ook kan kijken naar een bloeddorstige t-rex?

Een van de belangrijkste vaders van het succes van Jurassic Park is de techniek. Dit is een van de eerste films waarbij realistische uit de computer gestampte plaatjes hun opwachting maakten. Spielberg combineert die adembenemende beelden met ouderwetse automatronics en poppen, om de close-ups van de dino's (en de reacties van de acteurs) nog geloofwaardiger te maken. Daardoor ziet de film er ook nu nog goed uit. Zo goed zelfs dat Universal het aandurfde hem twee jaar geleden opnieuw uit te brengen in 3D. Jurassic Park was er vooral dankzij die hypermoderne beelden verantwoordelijk voor dat de interesse in dinosauriërs ongelofelijk toenam in de jaren '90. 

Op Jaws kwamen vier vervolgen, Indiana Jones kreeg uiteindelijk een quadrilogy en ook op Jurassic Park kwamen uiteraard vervolgen. Het tweede deel, The Lost World, werd eveneens door Spielberg zelf geregisseerd maar is van een mindere orde dan het origineel. Dat heeft vooral te maken met het volledig ontbreken van het wow-effect dat deel één wél heeft. Het is dus aan Jurassic World om na dik twintig jaar de franchise weer in oude glorie te herstellen.

Trailer