Interview Nic Balthazar en Koen De Graeve over Tot Altijd

Geplaatst: door Jochem Geerdink

Terwijl de eerste echte zonnestralen van 2012 zich laten zien boven een Utrechts terras, schuift Filmpjekijken.com aan bij de Belgische regisseur Nic Balthazar en de eveneens Vlaamse hoofdrolspeler Koen De Graeve om te praten over Tot Altijd. Een op het leven van Mario Verstraete, de eerste Belg die gebruikmaakte van de wettelijke mogelijkheid tot actieve euthanasie, gebaseerd drama.

Balthazar en De Graeve zijn naar Utrecht gekomen voor een speciale voorvertoning in het Louis Hartlooper Complex van de film die in eigen land een onverwacht groot succes werd. "Tot Altijd heeft het in België beter gedaan dan wij op voorhand dachten", vertelt Balthazar. "Je zag dat de word of mouth zijn werk goed deed, mensen vertelden elkaar over de film. Maar met dit weer vrees ik dat het toch moeilijker gaat worden."

Bestaat er dan zoiets als echt euthanasie-weer?
Nic: Ja hoor, absoluut. Regen. En elke keer als het regent dan komen de mensen de film kijken.
Koen: Ja, als de wereld al aan het huilen is dan is het wel makkelijker.

Nic, na Ben X is dit jouw tweede film en wederom over een maatschappelijk gezien toch gevoelig onderwerp. Je was zelf filmcriticus. Had je zoiets van: ik heb zoveel pulp gezien, nu ga ik maar gewoon eens een paar goede films maken?
Nic: Klopt, haha. Nee, toen ik nog filmcriticus was - alleen het woord al - zeiden mensen inderdaad vaak: ‘Hey, wanneer ga jij nou eens een film maken?’ En dan zei ik: ‘Dat weet ik niet, als ik ooit eens het gevoel heb dat ik iets te vertellen heb.’ Het zijn ook twee waargebeurde verhalen, waar het gevoel van toch een beetje nog journalist zijn altijd terugkomt. Het is gewoon zo’n sterk verhaal, net als Ben X. Dat verhaal is van zichzelf zo hartverscheurend en belangrijk, dat dat de sterkte van de film is. Tot Altijd heeft dat ook. Zeker wanneer je het, zoals ik in mijn grootspraak doe, internationaal bekijkt. Wat in onze contreien aan het gebeuren is, namelijk dat wij voor het eerst op een totaal andere manier met de dood aan het omgaan zijn, is heel bijzonder.

Dus eigenlijk is zowel Ben X als Tot Altijd uit een journalistieke gedachte ontstaan: ‘ik wil dit verhaal naar een groter publiek brengen’. Waarbij je film gebruikt als middel?
Nic: Voor een stuk wel, ja. Je zoekt een verhaal en het is het verhaal dat je opwindt. Ik was twee keer eigenlijk met een totaal ander verhaal bezig. Wel over leuke dingen, over spermabanken enzo. Maar twee keer had ik zoiets van: ‘sorry hoor, dit is zo’n slap verhaal’. Ik was op zoek naar iets dat je direct aan anderen wilt vertellen. Zoals wanneer je een goede grap hoort of een slecht verhaal en meteen de neiging voelt om de eerste die je tegenkomt die grap of dat verhaal te gaan vertellen.

Nic Balthazar

Het is zeker niet de eerste film over euthanasie, maar in tegenstelling tot bijvoorbeeld het Nederlandse Simon kies jij ervoor de film niet al te lollig te maken. De film heeft wel luchtige momenten, maar gaandeweg wordt de sfeer van de film toch vrij droef en donker. Had je zoiets van: je moet het droef doormaken om het echt te vatten?
Nic: Ik vind niet dat onze film in essentie een heel droeve en donkere film is. Dat merk ik ook aan de reacties van mensen die de film hebben gezien. 'Het is een heel erg heftige en ingrijpende film en ik heb gehuild dat er een dweil aan te pas moest komen. Maar ik ben naar buiten gekomen met heel veel joie de vivre, levensvreugd.’ Wel vind ik dat wanneer je het over zoiets intens als euthanasie hebt, je ook all the way moet durven gaan. Er geen schrik van moet hebben. De enige schrik die je moet hebben is dat het melodrama blijft en geen mellow drama wordt. Het scheelt maar twee letters, maar het ene is een afgrond en het andere is wat ik, net als bij Ben X, zo’n spannende lijn vind om te rijden. Net op het snijpunt, waar emoties snijden en ook durven de messen te slijpen.

De heftigste scène vond ik het laatste avondmaal, wanneer Mario met zijn beste vrienden eet, de avond voordat de euthanasie wordt toegepast. Hoe was dat om te spelen?
Koen: Die scène was wel fenomenaal om te doen. Het was de eerste keer dat ik zelf nadacht over hoe het zou zijn om dood te zijn en je eigen begrafenis bij te wonen. De zoete essentie van besef dat we niks kunnen weten van wat is er na dit. Je voelt al je emoties langs alle kanten door je systeem razen en dat van de mensen waarmee je speelt. Dus in die zin was die scène het meest heftige moment, naast het echte afscheid. Je beseft je op dat moment wat mensen doormaken tijdens je begrafenis. Iets dat jij zelf niet zult meemaken, want jij zal dan in de kist liggen. Tegelijkertijd was het de minst 'gespeelde' scène, het ging heel natuurlijk.
Nic: Er was ook heel veel ruimte voor improvisatie. Koen, Geert Van Rampelberg en Lotte Pinoy kennen elkaar al jaren en ik ben al jaren een groot fan van ze. Tijdens de repetities vroegen ze wel eens of ik dan wilde dat ze het hele script uit hun hoofd kenden. 'Zo weinig mogelijk. Als je maar weet dat het ongeveer ochtend of avond is', zei ik dan.

Koen De Graeve

Maar ik kan me zo voorstellen dat het laatste avondmaal geen one-taker is?
Nic: Niet helemaal. Maar waar ik erg dankbaar voor ben, is de voortschrijdende technologie waardoor ik perfect met twee camera’s kan zitten, ware een grote antropoloog. Met microscopen kijken, van: ‘ik zet mensen in een toch redelijk moeilijke situatie en ik kijk wat die dieren doen'. En mensen die begonnen te huilen, dat hoorde gewoon bij dat moment.
Koen: We probeerden elkaar ook op te peppen. 'Niet beginnen te wenen, sterk blijven'. Voor we het wisten, waren we vol van de kat en zaten te huilen. Michel van Doesselare, die in de film Mario's vader Roger speelt, zei vooraf: 'Koen, wanneer ik niet ween, dan is dat niets persoonlijks hoor. Dat moet je weten'. We waren nog niet begonnen, of hij begon te huilen.

Koen, tijdens de film zie je ook duidelijk de aftakeling bij Mario, die aan MS lijdt. Ben jij je niet rot geschrokken toen jij jezelf voor het eerst terug zag op het grote doek.
Koen: Ik was zo intens bezig met die aftakeling, heb nog nooit zo vaak in de spiegel gekeken. Dus ik zag mijzelf gestaag veranderen. Het effect werd pas echt duidelijk was toen ik het drie maanden later terug zag bij de vertoning van de eerste versie. Toen ben ik inderdaad wel enorm geschrokken. Maar dat heb ik dan weer wel kunnen verplaatsen naar de personage.

Hoe bedoel je?
Koen: Het was één van de meest intense ervaringen, een emotionele roetsjbaan. Ik weet nog heel goed dat we de eerste versie zagen in een klein kamertje bij producent Eyeworks. Er waren momenten dat ik me afvroeg: ‘zit ik nu te huilen om mijzelf? Dat kan toch niet. Ik beleefde het heel anders, echt als kijker. Niet zozeer objectief, maar je wordt vanzelf verdrietig omdat ik Geert, één van mijn allerbeste vrienden, afscheid ziet nemen. We kennen elkaar al bijna twintig jaar.
Nic: Dat het haast vanzelf gaat is zo’n gigantisch cadeau als regisseur. Maar daarover gaat de film ook. Over dat idee van samen leven en dan ook samen de dood moeten beleven, wat ook gebeurt. Je staat enkel aan mensen hun sterfbed of hun ziektebed, waarmee je dat hebt meegemaakt. Dat is wat het zo heftig maakt. Hoe vaak zie je niet mensen doodgaan in een film en je zit er naar te kijken en je zegt: ‘ja…’

Hij is dood.
Nic: Ja, hij is dood. Iemand zei, en dat vond ik een groot compliment: ‘als jij ooit een oorlogsfilm zou maken, dan zouden we gewoon iemand 45 minuten zien creperen.’ En dat is waar. Zo zou ik een oorlogsfilm maken. Gewoon, in zijn buik geschoten en...

Je moet het voelen?
Nic: Als het een komedie is, moet er gelachen worden. Maar als er iets ergs gebeurt, moet er eigenlijk echt worden gehuild.
Koen: Dan moet het splijten.

In hoeverre is euthanasie nog een issue in België?
Koen
: Het is niet zo dat omdat het wettelijk is, dat de angel eruit is.'Hey, alles is oké. Het is legaal, dus er is ook geen verdriet mee'. Het is nog altijd een zeer persoonlijke keuze van mensen die uit liefde handelen of, als het niet zo is, mensen die vanuit een ethisch oogpunt handelen en op een zeer domme, gruwelijke, starre wijze.
Nic: Dat brengt de discussie op een heel ander niveau. De discussie wordt soms op een domme manier gevoerd, zeker in de wereld. Als je ook maar een stap buiten onze landsgrenzen zet, kijk bijvoorbeeld laatst naar dat filmpje van de Amerikaanse presidentskandidaat Rick Santorum. Wat ik een veel mooier compliment vond, was dat laatst een politicus van de CD&V, onze CDA, naar mij toekwam. Hij zei: 'Ik moet u bedanken. Het euthanasiedebat wil ik op een puur politieke en democratische manier wel in mee gaan, want er is een meerderheid. Maar ik ben altijd blijven denken dat mensen die zoiets deden, niet hielden van de mensen die ze zogezegd zouden helpen. Dankzij uw film heb ik begrepen dat misschien totaal het tegenovergestelde wel waar is’. Je moet gewoon de discussie op een ander vlak brengen. We zijn allemaal tegen de dood. Dood is een motherfucker. Dat is wat ik hoop dat de film ooit eens teweeg zal brengen, zeker op een internationaal vlak. Je hoort nog altijd sommige mensen, nee, veel mensen zeggen: ‘euthanasia is murder.’ Wanneer je deze film hebt gezien, kan je zulke dingen nooit meer zeggen. Dat de vrienden van deze man moordenaars zouden zijn. Je mag nog altijd voor of tegen wetten zijn. Dat is allemaal moeilijker dan het lijkt. Legislation is a tricky thing.

Ik weet niet of het nu al speelt, maar dan hoop je natuurlijk dat Tot Altijd de Belgische inzending voor de Oscars wordt. Of zou het benoemingscomité dat niet aandurven?
Koen: Ik denk wel dat ze het aandurven, maar ik denk ook wel dat ze beseffen dat de kans nihil is.
Nic: Monsieur De Graeve, zeg!
Koen: Dit soort films ligt in Amerika heel gevoelig.
Nic: Amerikanen hebben de morele plicht deze film te selecteren. Want ik denk dat wanneer ze hem zien, ze euthanasie direct begrijpen. En de film een Oscar geven natuurlijk, haha. Ben X was destijds ook de Belgische inzending voor de Oscars, we hadden zelfs een Amerikaanse distributeur. Maar daarvan werd gezegd: 'Dat durft mijn publiek niet aan'. Ik snap dat wel, dat is wat filmverdelers doen. Zeker in de States is film 'an industry reigned by fear'.

In België was de film een absolute blockbuster. Had je dat verwacht van tevoren?
Nic: Het kon draaien of keren. Ik wist dat als genoeg mensen in het begin zouden gaan kijken dat ze het aan elkaar zouden doorvertellen. Het is ongelooflijk dat we deze film konden maken in een klein taalgebied, waar publiekssucces niet aan de orde was, maar waarvan we wel konden zeggen dat we films van Steven Spielber en David Fincher achter ons in de boxoffice hebben gehouden. Dat is fantastisch. Al begrijp ik ook de angst van mensen die zeggen dat ze op een zonnige lentedag niet graag naar een film gaan over iemand die doodgaat. Wanneer we honderd mensen zien doodgaan in een film is dat entertainment, maar wanneer er één iemand doodgaat in een film, dan durven we dat ineens niet aan.

Lees onze recensie van Tot Altijd hier.