Interview Giulio Ricciarelli over Im Labyrinth des Schweigens

Geplaatst:

door Elise van Dam

Im Labyrinth des Schweigens vertelt het vrijwel vergeten verhaal van het Auschwitzproces in Frankfurt midden jaren zestig, maar vooral ook het verhaal van de ontkenning die daaraan voorafging. Met zijn regiedebuut maakte Giulio Ricciarelli een film over de jaren waarin het zwijgen en de ontkenning heersten en de individuen die dat veranderden. "Ik wilde tonen dat een geschoold man in de jaren ’50 niet wist wat Auschwitz was."

Giulio Ricciarelli (m) met de cast van Im Labyrinth des Schweigens.

Hoe ontstond het idee voor deze film?
Via Elisabeth Bartel, die een artikel had gelezen over het Auschwitzproces en met wie ik het script heb geschreven. Mijn eerste reactie op het verhaal was dat ik het nauwelijks kon geloven, de atmosfeer in de jaren vijftig. En ik realiseerde me dat, ondanks dat ik tijdens mijn jeugd alle informatie had over het Derde Rijk en de oorlog, deze periode tussen het einde van de oorlog en het proces in de jaren ’60 voor mij een grijs gebeid was. Hier was een verhaal dat niet verteld wordt. Het Auschwitzproces is vergeten. Fritz Bauer is praktisch vergeten. Duitsland wordt nu geprezen voor hoe het omgaat met zijn verleden, maar de mensen die dat in gang hebben gezet, zijn vergeten.

Met echtgenote Lisa Martinek.

Hoe verklaar je dat?
Terwijl ze bezig waren, waren ze roepende in de woestijn. Niemand wilde dit. De overheid niet, de bevolking niet. In het Duits heb je een woord, ‘Nestbeschmutzer’, zij die het nest bevuilen. Dat was het gevoel dat heerste. En vandaag de dag vertellen we onszelf, onbewust: ‘de oorlog was slecht, maar daarna hebben we het onder ogen gezien.’ Maar de waarheid is dat we achttien jaar lang alles deden om er niet over te praten, het weg te stoppen. En een paar moedige mensen veranderden dat. 

Er is een neiging om te zeggen dat het Derde Rijk slechts een handvol slechte mensen betrof. Om het af te schuiven op een paar demonen. Dat is ook een belangrijk onderdeel van de film. Radmann gaat achter Josef Mengele aan, omdat het gemakkelijk is om de duivel te haten. Hij zegt tegen Bauer: ‘Mengele is Auschwitz’. Waarop die antwoordt: ‘Nee, iedereen die geen nee zei, die deelnam, is Auschwitz.’ Want het waren niet alleen monsters. Het was een land dat op een gruwelijk pad was terechtgekomen.

Hoe kwam het personage Johann Radmann, gespeeld door Alexander Fehling (foto boven), tot stand?
Ik wist dat we een personage nodig hadden waar de kijker zich mee kon identificeren. Fritz Bauer, bijvoorbeeld, was een fascinerend mens, maar als personage is hij te helder. Dus besloten we dat de film over deze jonge, aanvankelijk naïeve aanklager zou gaan. Hoe hij een persoonlijke ontwikkeling doormaakt om de juiste man te worden om dit proces te doen. En doordat we met hem terugkijken op deze periode laat je de toeschouwer als het ware met nieuwe ogen naar de meest bekende misdaad uit de geschiedenis kijken.

Want dat is natuurlijk de paradox. Dit verhaal is dan wel onbekend, tegelijk zijn we allemaal overspoeld met films over Auschwitz, de kampen, de nazi’s. Uitgemergelde mensen, Duitsers in uniformen met herders; al die beelden zitten in onze cultuur, in onszelf, dus dat moet je niet opnieuw gaan tonen. Er was een tijd voor dat soort films, met Holocaust en Schindler’s List, maar ik heb het sterke gevoel dat dat vandaag de dag niet meer kan. Zo wilde ik het althans niet doen.

Het is net als met het schilderij van de Joodse schilder Simon in de film. Dat schilderij, ‘De Engel des doods’ zien we niet, we zien Johann er naar kijken. En er is geen schilderij zo krachtig als het beeld dat jij in je hoofd hebt van het schilderij. Ik denk dat als je de kijker verleidt om zelf dingen in te vullen, ze de film in worden gezogen. En dat is wat je wilt.

De film herinnerde me in bepaalde opzichten aan Michael Haneke’s Das Weisse Band, omdat ze beiden gaan over patronen in een samenleving die kunnen leiden tot iets gruwelijks. En hoe vaak we erin falen die patronen te herkennen of als we ze herkennen, er iets tegen te doen. Zie je daarin ook een parallel naar nu?
Ik denk het wel. En ik denk dat de verwevenheid van onze moderne maatschappij het heel lastig maakt om iets te doen. Want je denkt misschien: ik stap over op biogas om iets goed te doen, maar dan vertelt iemand je dat hij een documentaire heeft gezien en dat ze ergens in Indonesië regenwouden neerhalen om suikerriet te verbouwen voor dat biogas en dan denk je: oké, geen biogas dus. Dat is heel erg iets van onze tijd, denk ik. Er is een enorme zelfcultus, maar tegelijk een groot gevoel van machteloosheid.

En de waarheid is, je ziet het met mensen als Edward Snowden, het zijn altijd de individuen. Als Rosa Parks niet in die bus was blijven zitten, had iemand anders het misschien gedaan. Ik hoop het. Maar het zijn altijd individuen. Zo ook in deze film. En dat is ook waarom ik denk dat het belangrijk is dat mensen deze film nu zien. Omdat het de macht van het individu toont.

Ervaren we de verworvenheden die na de Tweede Wereldoorlog zijn opgebouwd als te vanzelfsprekend?
Dat denk ik wel. Ik denk dat bewustzijn daarvan en ook een zekere nederigheid heel belangrijk zijn. Er is een bekend Amerikaans gezegde ‘freedom is not free’, dat vrijheid iets is waarvoor je moet werken, moet vechten. Daar ben ik het mee eens. Vrijheid van meningsuiting, democratie; het zijn in de wereld nog steeds eilandjes van vrijheid. Kijk naar China, of Rusland. En hier in Europa doen we vaak alsof het de natuur is. Alsof het natuurlijk is dat we vrijheid van meningsuiting hebben en dat ik hier vrijuit met jou kan praten zonder dat er politiemannen binnenvallen en me arresteren. En dat is niet waar. Het is niet vanzelfsprekend.

Lees ook ons interview met hoofdrolspeler Alexander Fehling

Ik herinner me nog veel van de periode voor en tijdens de Koude Oorlog en toen die eindigde was er plotseling een gevoel alsof alles in orde was. Terwijl er nog steeds zoveel is om voor te vechten, maar het lijkt alsof onze vechtlust is verdwenen. Ik las onlangs een artikel dat we tijdens de Koude Oorlog dertig seconden af zijn geweest van een nucleaire oorlog. Dertig seconden. Die fragiliteit; het is gevaarlijk als we ons daar niet langer bewust van zijn.