Interview Dick Maas

In de jaren tachtig en negentig maakte Dick Maas furore met films als De Lift, Flodder en Amsterdamned. Producties die zich kenmerken door het hoge tempo, een eenvoudig plot, veel zwarte humor, maar toch vooral doldwaze stunts en effecten. In zijn nieuwste productie Quiz stapt de 60-jarige regisseur af van dat concept. De zwarte humor is nog volop aanwezig, maar verder moet Quiz het vooral hebben van de dialogen tussen quizmaster Leo Vandermolen (Barry Atsma) en De Man (Pierre Bokma).

Waar kwam het idee voor deze film vandaan?
Ik had ooit het idee van een vrouw die ergens zat te wachten en een envelop kreeg aangereikt waarin een polaroid zat van haar man en kind. Zes jaar geleden ‘moest’ ik weer een script schrijven. Ik had weliswaar net Moordwijven en Sint geschreven, maar die bleken vrij lastig te financieren. Dus toen dacht ik: laat ik eens een film schrijven die wat makkelijker te financieren is. Een kleinere film, met weinig locaties, die in wat minder dagen gedraaid kan worden. Toen kwam dat idee van die polaroid weer naar boven en ben ik met dat idee verder gegaan. 

Je bent dus niet door een bepaalde quiz geïnspireerd?
Nee, het was niet zo dat ik dacht: nu ga ik eens een film maken over een quizmaster. Het begon met die polaroid en dat idee veranderde langzaam richting een quizmaster waarbij de rollen werden omgedraaid. Toen eenmaal het gegeven quiz om de hoek kwam kijken, was voor mij wél gelijk duidelijk dat het een heel lullige quiz moest zijn met rare vragen. 

Vervolgens lag het script dus zes jaar op de plank te verstoffen?
De film werd op de lange baan geschoven omdat het Filmfonds het helemaal niet zag zitten. Vervolgens ging Sint alsnog door en schreef ik daarna een nieuwe versie van het script van Quiz, een tamelijk verschil met het oorspronkelijke scenario. Zes jaar geleden had ik namelijk Gijs Scholten van Aschat op het oog als quizmaster, terwijl de rol van De Man speciaal voor Pierre is geschreven. 

Waar komt Barry Atsma dan ineens vandaan?
Toen we de film eigenlijk zouden maken, wist niemand bij wijze van spreken wie Barry Atsma is. Tegelijkertijd was Gijs ook weer vijf, zes jaar ouder en had hij net Tirza gedraaid. Dat speelde allemaal mee. Ik besloot zowel Barry als Gijs, als nog een aantal andere acteurs overigens, auditie te laten doen voor de rol van Leo. Uiteindelijk vond ik Barry het beste bij die rol passen. 

Je zei net dat het lastig is een film gefinancierd te krijgen, iets waar je op Twitter ook regelmatig je beklag over doet. Hoe is het huidige klimaat?
Als ik voor mijzelf spreek: dramatisch. Ik probeer op Twitter wel eens de discussie aan te zwengelen bij collega’s, want zo vaak zien wij elkaar niet, maar dan krijg ik amper reactie. De meeste regisseurs weten bij wijze van spreken niet eens wat de nieuwe beleidsplannen van het Filmfonds zijn. Mijn vrouw Esmé (Lammers, red.) is dat helemaal aan het uitspitten, terwijl ik zelf de stukken gescand heb. Daar staan heel rare dingen in, dingen die niet kloppen. Of nou ja, mochten ze wel blijken te kloppen, dan kun je er als filmmaker maar beter mee ophouden. 

Hoezo?
Het fonds schrijft bijvoorbeeld ineens maximale salarissen voor regisseurs voor. Dat vind ik raar, waarom dan niet voor cameramensen en art directors? 

In hoeverre heb je het Filmfonds nog nodig?
Er is haast geen Nederlandse film die gefinancierd kan worden zonder hulp van het fonds, daar ontkom je simpelweg niet aan. Bijna geen film verdient zichzelf terug, dus dan is dat pakweg half miljoen euro dat je van het fonds krijgt, welkom natuurlijk. Maar met alle nieuwe voorwaarden die nu gesteld worden weet ik niet hoe ik nog een budget van twee miljoen euro bij elkaar moet krijgen. Je hebt vier ton van de distributeur en nog eens vier ton van het CoBo (het productiefonds van de Publieke Omroep, red.) en dan houdt het in deze tijden wel zo’n beetje op. 

Moeten jullie als filmmakers dan niet in opstand komen?
Weet je wat het is, je krijgt niet iedereen op één lijn. Sommigen vinden het wel best. Ze schrapen links en rechts nog wat geld bij elkaar, zodat ze één tot anderhalf miljoen hebben om een film te kunnen draaien. Kijk naar wat er de laatste tijd in première is gegaan. Black Out, Plan C, allemaal low budget- en liefdewerk. Gemaakt voor acht, negen ton. Met zo’n budget weet je al dat je mensen niet, of niet goed, kunt betalen. Dan kun je toch niet spreken van een gezonde beroepsgroep? Een normale film kost gewoon minstens twee miljoen, klaar. 

Je klinkt wat verbitterd, Quiz is toch niet je laatste film?
Nou, misschien wel. We zullen het zien.

Er zijn nog geen reacties geplaatst

Je moet ingelogd zijn om een reactie te kunnen plaatsen.